Het vergeetrecht; wat het is en hoe het werkt

Het vergeetrecht; wat het is en hoe het werkt

Iedereen heeft zijn naam wel eens ingetikt in Google. In sommige situaties blijkt dan belastende informatie, die mogelijk onjuist of niet (meer) relevant is, in de zoekresultaten te staan. Dit kan mogelijk tot reputatieschade leidden voor de desbetreffende persoon. Als dit het geval is dan kan een beroep worden gedaan op het recht om vergeten te worden. Maar wat is dat nou eigenlijk?



Het right to be forgotten

Het vergeetrecht, ook wel het right to be forgotten genoemd, houdt in dat beheerders en verwerkers van persoonsgegevens informatie dienen te verwijderen of te verbergen, wanneer deze niet (meer) relevant is, het publiek hier geen belang bij heeft of de informatie onjuist wordt verklaard, op het moment dat de desbetreffende persoon hiervoor een verzoek indient. Zoekmachines zoals Google zijn hierdoor verplicht om op verzoek, belastende gegevens niet meer in de zoekresultaten te tonen voor zoekopdrachten naar de naam van de betreffende persoon, als iemand volgens het vergeetrecht daar recht op heeft.

De Costeja rechtszaak

Het right to be forgotten voor zoekmachines is tot stand gekomen, nadat er in Spanje een rechtszaak was aangespannen tegen Google, door Mario Costeja Gonzales. In 1998 was een krantenartikel gepubliceerd, waarin de executoriale verkoop van het huis van vermeld werd. Hier stond ook de reden voor verkoop bij, namelijk zijn financiële problemen. Ongelukkigerwijs bleek dit artikel ook tussen de zoekresultaten van Google te staan als er naar zijn naam werd gezocht. Hoewel de informatie niet langer relevant was, ondervond  hij door deze openbare informatie wel reputatieschade. Costeja verzocht de krant, zonder succes, daarom om het artikel te verwijderen. Hij besloot daarop naar de Spaanse autoriteit gegevensbescherming (Agencia Española de Protección de Datos, AEPD) te stappen met het verzoek om zowel de advertentie als het zoekresultaat te laten verwijderen. Hoewel de Spaanse autoriteit niet instemde met de verwijdering van de advertentie, sloten zij zich wel aan bij het verzoek van Costeja om de advertentie te verbergen in de zoekresultaten van Google, op basis van de EU richtlijn 95/46/EG. Samen met de Spaanse autoriteit spande Costeja een rechtszaak aan tegen Google. Op 14 mei 2014 oordeelde het Europees Hooggerechtshof, dat Google als gegevensverwerker de Europese richtlijnen moest volgen, omdat de activiteiten plaatsvonden op Europees grondgebied. Hierdoor dienden de zoekresultaten van Costeja op alle Europese versies van de zoekmachine verborgen te worden. Dit vergeetrecht is later vastgelegd in de Europese Algemene Verordening Gegevensbescherming.

Wetten

Op 25 mei 2016 is de Algemene Verordening Gegevensbescherming officieel ingesteld, waar het vergeetrecht onderdeel van is.  Deze Europese privacy- verordening vervangt de verouderde databeschermingsrichtlijnen uit 1995, omdat deze niet meer voldeden aan de huidige digitale ontwikkelingen. De verordening zorgt ervoor dat de verwerking van persoonsgegevens van Europese burgers en de omloop daarvan worden beschermd. Met uitzondering voor overheidsinstanties en journalistieke bedrijven, is de wet van toepassing op alle ‘data controllers’, die persoonsgegevens bezitten en verwerken. Dit geldt dus ook voor bedrijven of instellingen buiten de EU, die persoonsgegevens van Europese burgers verwerken. Wanneer daarom verzocht moet Google persoonsgegevens verbergen als deze onjuist, irrelevant, achterhaald of buitensporig worden bevonden. Daarnaast zijn deze richtlijnen in de nationale wetgeving van de EU- lidstaten opgenomen, zodat de verordeningen direct in alle lidstaten gelden.

Privacy of publiek belang

Hoewel de Algemene Verordening Gegevensbescherming het mogelijk maakt om persoonsgegevens te verbergen, is het moeilijk om vast te stellen wanneer dit gedaan mag worden. Hierbij staan twee artikelen uit het Europees verdrag voor de Rechten van de Mens tegenover elkaar, namelijk het recht op privacy (artikel 8) en het recht op vrijheid van informatie (artikel 10). Welk artikel bij het vergeetrecht zwaarder weegt moet per situatie worden beoordeeld. Wanneer informatie geen publiek belang heeft, dan geldt het recht op privacy zwaarder. Als personen echter een publieke functie hebben, dan is het publiek belang vaak groter en krijgt het recht op vrijheid van informatie voorrang. Het is dus moeilijker voor een politicus om zich te beroepen op het vergeetrecht, dan voor een schoonmaker.

Bemiddeling

Als men van mening is dat zoekresultaten dienen te worden verborgen volgens het right to be forgotten, dan kunnen drie stappen worden ondernemen. Allereerst kan middels een online formulier een verzoek tot verbergen van zoekresultaten gedaan worden bij Google. Hierbij is het van belang om aan te geven om welke zoektermen en zoekresultaten het gaat. De zoektermen betreffen namen, bijnamen of artiestennamen. Daarnaast moet men een geldende reden hebben, waarom deze informatie onder het vergeetrecht valt. Ook moet bij het formulier een kopie legitimatie worden toegevoegd, waaruit de identiteit van de desbetreffende persoon duidelijk wordt. Na enkele weken laat Google weten of zij met het verzoek instemmen of niet. Bij twijfel of het verzoek tot verwijderen van persoonsgegevens gerechtvaardigd is, zal Google het verzoek afkeuren en de beslissing overlaten aan de lokale autoriteiten. In Nederland kan men terecht bij de Autoriteit Persoonsgegevens. Als zij van mening is dat het verzoek gerechtvaardigd is, dan zullen zij als bemiddelaar optreden en Google nogmaals benaderen. In de meeste gevallen stemt Google dan met het verzoek in en zullen zij tot de verberging van persoonsgegevens overgaan. Als dit geen uitkomst biedt kan een rechtszaak tegen Google worden aangespannen. Hierbij is het van belang dat men een schriftelijk verzoek doet bij de civiele rechter op basis van artikel 46 van de Wet bescherming persoonsgegevens.

 



Facebook logo Twitter logo Google Plus logo

Reageer op dit artikel



© 2015 Vergeetrecht, het auteursrecht van dit artikel ligt bij de auteur. Zonder toestemming van de auteur is vermenigvuldiging verboden.